Deel op facebook
Deel op Instagram

Spelregels | Ideeënfinale

  • Online van 3 tot en met 25 september 2026
  • Live op zondag 27 september 2026 in zaal Horta, om 10 uur en om 13.30 uur

Wie kan deelnemen? 

Alle bewoners van district Antwerpen ouder dan 13 jaar kunnen ideeën kiezen. We controleren dit met je rijksregisternummer.
Deelname aan eerdere stappen is niet vereist. Je kan deelnemen aan één, meerdere of alle stappen van de Burgerbegroting.

Hoe kan je ideeën kiezen? 

Je kan... 

  • online in je eentje stemmen, 
  • en ook live in gesprek met anderen tijdens de live Ideeënfinale.

Je mag beide combineren.

Online stemmen

Meld je aan met je rijksregisternummer of via itsme.

Je krijgt de ideeën willekeurig te zien, telkens met een foto, omschrijving, budget en uitvoerder. Swipe naar rechts om te stemmen, naar links om een idee over te slaan.

  • Er is geen minimum of maximum aantal stemmen. Stem op zoveel ideeën als je wil.
  • Je kan op elk moment stoppen en later verdergaan waar je gestopt was.
  • Je mag niet stemmen in naam van iemand anders.

Live stemmen

  • Tijdens de live Ideeënfinale zijn er een ochtendsessie en een middagsessie. Alle ideeën komen zowel in de ochtend als na de middag aan bod. Je kan maar aan één sessie deelnemen.
  • De ochtendsessie begint stipt om 10.30 uur, de middagsessie stipt om 14 uur. 
    Kom zeker op tijd want als een sessie begonnen is, kan je niet meer aansluiten.
  • Een sessie bestaat telkens uit 2 gespreksronden.
  • Je zit samen met vijf andere inwoners aan een tafel. Het toeval bepaalt aan welke tafel je zit. 
  • Er zijn 3 categorieën van ideeën: 
    bewonersideeën worden door bewoners of een feitelijke vereniging uitgevoerd, verenigingsideeën door een vereniging zoals een vzw en districtsideeën door het district.
  • Via loting krijgt elke tafel een selectie van ideeën uit één categorie.
  • Per gespreksronde kiest elke tafel exact 5 ideeën.
  • Elk gekozen idee krijgt evenveel stemmen als het aantal deelnemers aan de tafel.
  • Na deze beslissing in ronde 1, start ronde 2. Elke tafel krijgt nu een tweede stapel ideeën uit een andere categorie. 
  • Elk idee ligt even vaak op tafel binnen een categorie.
  • Daarnaast mag elke deelnemer één extra stem geven aan een idee naar eigen keuze. Deze extra stemmen worden aan het einde van de sessie opgehaald.
  • Mensen die vooraf inschrijven zijn zeker van hun plek.
  • Overblijvende plekken worden op basis van volgorde van aankomst toegewezen tot het maximaal aantal deelnemers is bereikt.

Ik schrijf me in

Gewicht van de stemmen

De Burgerbegroting focust op beslissingen in dialoog met andere bewoners. Daarom tellen

  • online stemmen voor 50% van het resultaat,
  • en live stemmen voor 50% van het resultaat.

In uitzonderlijke omstandigheden kan dit aangepast worden (als het festival bijvoorbeeld niet kan doorgaan, tellen de online stemmen voor 100%).

Bekendmaking van de resultaten

We tellen de resultaten van de ochtend- en de middagsessie op, samen met de online stemmen. Tijdens de live Ideeënfinale, aan het einde van de middagsessie maken we om 16.30 uur de gekozen projecten bekend. 

Na de ochtendsessie zijn er nog geen eindresultaten, maar deelnemers van die sessie kunnen in de namiddag terugkomen voor de bekendmaking om 16.30 uur. 

Budgetverdeling 

Van het totale budget van de Burgerbegroting

  • kan maximaal 30% of 660.000 euro naar werkingskosten gaan,
  • en moet minimaal 70% of 1.540.000 euro voor investeringen zijn.

Dit geldt niet op het niveau van individuele ideeën of categorieën. Er is dus maximaal 660.000 euro voor werkingskosten. Op het moment dat alle stemmen binnen zijn, bekijken we welke ideeën gerealiseerd kunnen worden. 

Voor de bewonersideeën (budget 100.000 euro) leggen we geen verdeling op. We bekijken dan ook eerst het budget voor deze ideeën: dit kan volledig naar werking gaan, volledig naar investeringen, of iets ertussenin. Aan het einde van deze categorie weten we hoeveel er nog overblijft van de maximaal 660.000 euro aan werkingskosten (bijv. 50% investering bij bewoners: 660.000-50.000 = 610.000). Als er restmiddelen in dit budget zijn (bijv. omdat er onvoldoende bewonersideeën waren, of omdat geen enkel idee meer betaald kon worden), dan schuiven die middelen door naar het budget voor verenigingen. 

Nadien bekijken we de rangorde van districtsideeën. Hier kan maximaal 150.000 euro naar werkingsmiddelen gaan, de rest moet investering zijn. Aan het einde van deze ronde weten we hoeveel werkingsmiddelen er nog overblijven (bijv. als het maximum werkingsbudget toegekend is aan districtsideeën: 610.000 - 150.000 = nog 460.000 werking over). Als er restmiddelen zijn, dan schuiven die door naar het budget voor verenigingen. 

Als laatste komen de verenigingsideeën aan bod. Op dat moment is dan ook duidelijk hoeveel werkingsmiddelen nog over zijn, en kunnen die maximaal benut worden. Als er restbudget was bij bewoners- en/of districtsideeën, dan worden die bij het beschikbare budget geteld.  

We rangschikken de ideeën op volgorde van hun aantal stemmen (online en fysiek opgeteld). Dan kijken we naar het beschikbare totaalbudget voor die categorie, én naar het beschikbare werkingsbudget (voor districts- en verenigingsideeën). Het doel is om het geld van de Burgerbegroting zo maximaal mogelijk te besteden aan de voorgestelde projecten. 

Een fictief voorbeeld:

Aantal stemmen

Gevraagd totaalbudget
(100.000 € beschikbaar)

Gevraagd werkingsbudget
(50.000 € beschikbaar)

Idee 1
300 stemmen

40.000 €
=> er is 60.000 € over

25.000 € 
=> er is 25.000 over

Idee 2
250 stemmen

65.000 €
=> gaat niet,
er blijft 60.000 € over

30.000 €
=> gaat niet,
er blijft 25.000 € over

Idee 3
210 stemmen

54.000 €
=> er is 6.000 € over

22.000 €
=> er is 3.000 € over

Idee 4
180 stemmen

6.000 €
=> had gekund,
er blijft 6.000 € over

6.000 €
=> gaat niet,
er blijft 3.000 € over

Idee 5
120 stemmen 

12.000 €
=> gaat niet,
er blijft 6.000 € over

3.000 €
=> had gekund,
er blijft 3.000 € over

Idee 6
30 stemmen

5.500 €
=> er is 500 € over

2.500 €
=> er is 500 € over

Toelichting bij het voorbeeld:

  • Het eerste idee kunnen we uitbetalen. Er is dan al 40.000 € van de 100.000 € toegewezen en er blijft nog 25.000 € werkingsbudget over.
  • Het tweede idee vraagt méér totaalbudget dan nog beschikbaar is, dus dat valt eruit.
  • Het derde vraagt 54.000 euro, dat kan zowel van het totaalbudget als van het werkingsbudget.
  • De volgende twee ideeën kunnen geen geld krijgen.
    Idee 4 vraagt méér werking dan beschikbaar is.
  • Idee 5 vraagt méér dan het totaalbudget.
  • Idee 6 kan wel budget krijgen. 

Restmiddelen

Budget dat tijdens het jaar vrijkomt, bijvoorbeeld door lagere kosten of stopgezette projecten, wordt ingezet voor districtsideeën. Dit kan gebruikt worden voor meerkosten, uitbreiding van projecten of bijkomende ideeën.

Deel op facebook
Deel op Instagram